Op plaatsen waar in veler gedachten – en in beleidsnota’s – vliegtuigen landen en opstijgen, blijft het steeds vaker stil. Zo trok het Rijk zich al eerder terug uit de luchthaven Eelde. Ook de gemeente Groningen stopt ermee. ‘ Hoelang gaan Drentse overheden nog door met maatschappelijk geld in de bodemloze put van verliezen te storten?’ Die vraag stelt Bernhard Hanskamp in zijn boek Gewogen Ruimte. De planoloog zet het ruimtelijk beleid van Drenthe in langjarig perspectief. Hij geeft complimenten (74 toppers op de kaart) voor bijvoorbeeld de gekoesterde natuurlijke beekdalen en het goed ingepaste moderne leven in het landschappelijk schoon. Hij beschrijft ook wat er mis ging (50 tobbers), zoals woonwijken op kwetsbare plekken, bedrijventerreinen en andere ruimtelijke misslagen. Waaraan het in zijn ogen vooral ontbreekt? Aan een bestuur dat een coherente toekomstvisie neerzet en durft door te pakken.

Van het onbetaalbare regionale vliegen naar betaalbaar wonen in een mooie Noord-Drentse omgeving dicht bij de grote stad. De ruimte is er, zowel financieel als in dit landschap’, licht Hanskamp zijn betoog toe. Als je met de luchthaven stopt, komt er 150 hectare ruimte vrij in de drukste regio van Noord-Nederland. Je kunt er tot vijfduizend huizen bouwen en tot tienduizend mensen huisvesten, berekent Hanskamp. Dat komt goed uit want de stad ‘kookt over’ en bij dorpen als Vries en Tynaarlo liggen uitbreidingsplannen waar hij kritisch over is. Investeer ook in het fraaie coulissenlandschap eromheen. Zorg voor snelle fietsverbindingen en hubs, zodat de bewoners zich kunnen warmen aan de stad terwijl ze in het mooie Noord-Drenthe wonen.

Huiswerk voor bestuurders

Hanskamp ziet meer mogelijkheden: Drenthe moet zich herpakken en de stikstofcrisis gebruiken om zijn koppositie als natuurprovincie weer in te nemen. ‘We hebben hier schoon water en goede kansen om de landbouw te verduurzamen. Maar er ligt een stevige portie huiswerk.’ De provincie moet nu de regie nemen en zo de landbouw duurzaam maken. In de jaren negentig lag er al een plan om in Noord-Nederland uitsluitend grondgebonden landbouw te doen, weet de planoloog. ‘Jammer genoeg is dat toen niet doorgezet omdat Friesland afhaakte.’ Dertig jaar later staat de natuur zo onder druk dat noodplannen nodig zijn. Zeker in de groene provincie Drenthe heeft de verdere intensivering van de veeteelt (vooral melkveehouderij) een zware aanslag gedaan op de kwaliteit van natuur en water. Daarom komt het er nu op aan dat Drentse bestuurders, desnoods zonder de Friezen, een nieuwe richting wijzen.
Natuur en water winnen in de toekomst nog aan belang. ‘De beken op het Drents plateau kunnen veel meer zoet water bergen en vasthouden. Daarvoor moet je wel de akkerbouwers uit de lage beeklanden halen en het waterpeil daar verhogen. Voor akkerbouwers moet je op hogere gronden ruimte zoeken.’ Om dat voor elkaar te boksen zijn grote ruimtelijke plannen nodig en een krachtig bestuur dat voor lastige keuzes durft te gaan staan. ‘De laatste tien jaar is de “groene kleur” in bestuurlijk opzicht wat weggezakt.’
Hanskamp was als planoloog de laatste veertig jaar nauw betrokken bij de provinciale ruimtelijke ordening. Hij constateert dat in Drenthe landbouwers nooit op de eerste rij in het bestuur zaten. Decennialang bestond dat uit sociaaldemocraten, mensen (veel vrouwen ook) die evenwicht zochten tussen alle verschillende belangen (natuur, wonen, recreatie en landbouw). Mede daarom is Drenthe niet volgelopen met ‘roze krulstaarten’, zoals Brabant. Maar nu de VVD in het Drentse provinciebestuur een dominantere partij is, ziet hij de prioriteiten opschuiven. ‘Zo’n plan voor de verdubbeling van de N34 bijvoorbeeld, dat was vroeger nooit zo op tafel gekomen.’

Bernhard Hanskamp: Gewogen Ruimte. Vorm geven aan de provincie Drenthe 1970-2020-2050 inboekvorm.nl