Het getij. De verandering van land naar water, van water naar land. Dat vindt onderzoekster Katja Philippart het fascinerendste van het wad. Soms is de grens tussen water en lucht niet te zien. Is alles één. Is niet te zien waar het ene begint en het andere ophoudt.

Dat laatste geldt ook voor de waddennatuur die ze zo begeesterd onderzoekt. Alles is één geheel. Hangt met elkaar samen. Verandert constant. Philippart nipt van haar espresso in een strandtent op Texel. Ze kijkt uit over zee. ‘Het is niet zo evident als een koraalrif’, zegt ze. ‘Niet zo in your face, maar het is prachtig.’ 

De onderzoekster werkt bij het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ). Ze is bijzonder hoogleraar productiviteit van mariene kust-ecosystemen aan de Universiteit Utrecht en bestuurslid van de Waddenacademie.

Ze woont op Texel en toen ze er kwam wonen moest ze wennen aan de nimmer aflatende harde wind. Nu lijkt die wind haar niet meer te raken. Ze staat stevig. Philippart is gedreven. Werkt de meeste weekenden door. Is vol overgave.

Al jaren doet ze onderzoek op de Waddenzee, vooral naar de wisselwerking tussen schelpdieren en algen. Ze vertelt dat algen minimaal 50 procent van onze zuurstof produceren. En ondanks het werk dat ze – ook voor ons – verzetten, zijn ze qua onderzoek compleet onderbelicht. Algen bestuderen is een hele opgave, evenals daar geld voor los (blijven) krijgen.

‘Heel apart’, zegt Philippart. ‘Omdat ze in de meeste systemen als deze, met droogvallende wadplaten, een belangrijke rol spelen.’ Vooral van bodembewonende algen is nauwelijks iets beschreven in de literatuur. ‘Terwijl ze de helft uitmaken van de ecologische draagkracht onder het hele ecosysteem op het wad. Algen bepalen uiteindelijk hoeveel voedsel er is voor schelpdieren, en die bepalen weer hoeveel schelpdier etende vogels er in de Waddenzee kunnen leven.’  

Het is en blijft dan ook knokken voor de onderzoekster. Ze doet er alles aan om het belang van algen te onderstrepen. ‘We moeten ontzettend vasthoudend zijn.’

Philippart is zo strijdbaar, omdat ze weet waarvoor ze het doet. ‘Er staan ons zulke grote veranderingen te wachten met klimaatverandering en zeespiegelstijging’, zegt ze. Er trekt een vlaag van ongerustheid over haar gezicht. ‘Als je dan niet weet wat er met de basis van het voedselweb gebeurt…’ Een korte stilte. Ze zoekt naar woorden. ‘Dat lijkt me niet handig.’ 

Als het zeewater stijgt, komen de wadplaten in de toekomst langzaam onder water. ‘Het is waar dat de wadplaten de zeespiegelstijging tot nu kunnen bijbenen, maar tot op zekere hoogte.’ Als de zeespiegelstijging en de bodemdaling – niet te vergeten, als dat opgeteld sneller gaat dan de verzanding van het wad, dan verdrinken wadplaten. Niet van de ene dag op de ander, maar ze worden kleiner. 

En dat betekent minder foerageergelegenheid voor vogels.

We hebben onze grenzen vastgelegd. We legden de zee in een houdgreep. Sloten haar op. Het wassende water kan nergens heen. ‘We hebben alles bedijkt en bedamd. Anders zou het gewoon landinwaarts gaan. Dat had je vroeger met zeespiegelstijging en zeespiegeldaling.’ De veranderende tijden vormden lagen in het landschap. Dat kan niet meer. Dus op een gegeven moment staat het tegen de dijk aan. 

Snelheid. Dat is waar het allemaal om draait. Alle effecten van klimaatverandering. ‘Het is waar dat klimaatverandering van alle tijden is, maar hier geldt: de snelheid is nog nooit zo hoog geweest. In alles wat er gebeurt.’ En als het zo snel gaat, kunnen diersoorten niet meekomen in de omwentelingen.

Toch is niet iedereen overtuigd van klimaatverandering, of eigenlijk: niet door menselijke invloed op die verandering. Langs de oevers van het wad allerminst. Misschien omdat het een onprettig vooruitzicht is. ‘Het moment dat je een beetje serieus nadenkt over wat er zou kunnen gebeuren, is dat heel beangstigend. Het betekent dat je je vertrouwde omgeving moet loslaten.’ 

De Waddenzee verdrinkt. Hoe kijken kustbewoners naar de zee? Vrezen ze de stijging van de zeespiegel of laat die hen onberoerd? Carlien Bootsma liep in een aantal weken de Waddenzee rond en schrijft daar een serie verhalen over. De kustbewoners die haar pad kruisten, vertellen wekelijks hun verhaal op onze website.

Deze publicatie is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten (www.fondsbjp.nl).

In april blikt Carlien Bootsma terug op haar wandelingen langs het Wad in een essay in het tijdschrift Noorderbreedte.