Eerherstel raadhuis Uithuizermeeden

Toen in de tweede helft van de jaren tachtig de golf van gemeentelijke herindelingen over het land spoelde, gingen veel oude gemeentehuizen in particuliere handen over. Vaak werd bewoning de nieuwe functie, soms een kantoor en enkele zijn gesneuveld in de vooruitgang. Er zitten architectonische wondertjes tussen waarvan de waarde helaas maar al te veel onderschat wordt. Zo niet met het voormalige gemeentehuis van Uithuizermeeden, dat inmiddels bijna geheel in oude luister is hersteld. Uitgever Wout Roorda kocht het pand van Volker Stevin en bouwde het langzamerhand om in een museum.

TEKST
Carla Alma

Het Noordgroninger dorp Uithuizermeeden dankt zijn naam aan zijn ligging: buitendijkse graslanden van Uithuizen, langs de kwelders van de Waddenzee. Het dorp heeft een tamelijk beroemde kerk, de witgepleisterde hervormde kerk met zijn opvallende toren; deze heeft ook model gestaan voor de kerk van het verderop gelegen wierdedorp Spijk.
Ook witgepleisterd is het voormalige bakstenen gemeentehuis van Uithuizermeeden, gebouwd in 1907 door de stadgroninger architect Van Wissen. Om onbekende reden werd het gebouw direct na de Eerste Wereldoorlog witgepleisterd, zoals met wel meer gebouwen in die tijd gebeurde. Ook de Rensumaborg, die uit de vijftiende eeuw dateert en in hetzelfde dorp ligt, met zijn prachtige lanen, is witgepleisterd. Een ‘witte schimmel’-rage avant la lettre? Het gemeentehuis werd op deze wijze een opvallend en uniek bouwwerk.
Generaties ‘Meisters’ zoals de inwoners van Uithuizermeeden op z’n Gronings worden genoemd (en waarvan schrijfster dezes er oorspronkelijk een was) zijn in dit gemeentehuis bij geboorte ingeschreven, gehuwd, verhuisd, gescheiden of in het dodenregister opgenomen.

Verval

Na de gemeentelijke herindeling medio jaren tachtig, waarbij Uithuizermeeden via de nieuwgevormde gemeente Hefshuizen opging in het veel grotere Eemsmond, had niemand belangstelling voor het opvallende gemeentehuis. Het raakte in verval. Het bedrijf Volker Stevin heeft er enkele jaren een kantoor gehad; na herindeling en verkoop zijn veel van de oorspronkelijke elementen uit het raadhuis verdwenen. Een vorm van ‘cultuurbarbarisme’, zoals de huidige eigenaar het stelt: ‘Men had, en heeft nog trouwens, geen enkel gevoel voor de waarde van gebouwen met een rijke historie.’ Deze eigenaar, de uitgever Wout Roorda, kocht het zwaar gehavende gebouw in 1990, aanvankelijk met de bedoeling het te moderniseren. Roorda vestigde zijn uitgeverij in het gebouw; hij was naar deze streken gekomen als krantenuitgever. Uiteindelijk werd hij de uitgever van The top of Holland, een naslagwerk dat wereldwijd verspreid wordt ten behoeve van bedrijfsleven, cultuur, toerisme en wetenschap in Noord-Nederland.
‘Eeuwig zonde’, noemt hij de sloop enkele jaren geleden van het prachtige café Knol, dat tegenover het gemeentehuis gelegen was. Een werkelijk foeilelijk modernistisch, dertien in een dozijn-gebouwtje van de Rabobank heeft deze markante plaats ingepikt. Een smakeloze vervanging van een authentieke dorpshoek. Helaas zien we in veel dorpen op het Groningse platteland dergelijke non-architectuur verschijnen waardoor onherstelbare schade aan dorpsgezichten wordt aangebracht.

Oude elementen

Bij toeval ontdekte Roorda tijdens herstelwerkzaamheden de oude trap die door het pand liep. Hij vond de oude burgemeesterskamer nog in redelijke staat en ging op zoek naar meer authentieke elementen. Deze bleken volop aanwezig: ‘Alle plafonds zaten weggetimmerd achter moderne lagen, veel historisch materiaal was van muren, trappen en vloeren weggehaald’, stelt Roorda. Maar er was voldoende overgebleven om zijn nieuwsgierigheid verder te prikkelen: een intact gebleven gevangenis in de kelder, de oude raadszaal, de klokkentoren in het torentje van het gebouw.
Van moderniseren kwam niets meer, Roorda werd steeds gedrevener in zijn zoektocht naar restauratiemogelijkheden. Kosten noch moeite werden gespaard om het gemeentehuis weer in oude glorie te herstellen; de raadszaal is een imposante kamer geworden, met een grote vergadertafel in het midden en de burgemeesterszetel aan het hoofdeind. Vloeren, plafonds en wanden ademen weer de sfeer van bijna honderd jaar geleden. Ook de aparte deur voor het publiek en de pers op de fraaie publieke tribune is in ere hersteld, die leidt naar drie authentieke houten banken voor bezoekers. Roorda: ‘De meubels zijn niet oorspronkelijk van hier, maar aangeboden door een Belgische handelaar; ze staan hier echter alsof ze er altijd gestaan hebben. Het zijn gemeentehuismeubelen uit de vorige eeuw van de beroemde meubelmaker Koninklijke Jansen uit Amsterdam. We hadden een keer mensen op bezoek die ze herkenden: het bleek het oorspronkelijke meubilair uit het gemeentehuis van Sassenheim te zijn.’ En: ‘De meeste spullen uit het gemeentehuis van Uithuizermeeden zijn verdeeld onder allerlei mensen, die nu niet het nut inzien van verkoop aan mij; ze zien er te veel het commerciële belang in, terwijl ik alleen uit ben op het bewaren van een stukje historie van dit dorp.’

Willem de Mérode

Behalve herstel van raadszaal (inclusief enkele schilderijen uit de periode tussen 1740 en 1930) en de burgemeesterskamer, waar de koninklijke familie in meerdere generaties prominent aanwezig is in diverse portretten en foto’s, is ook de gevangenis weer toegankelijk. Het verhaal gaat dat de beroemde dichter en schrijver Willem de Mérode, die hier onderwijzer was, in deze gevangenis enkele etmalen heeft doorgebracht, wegens vermeende maar nooit bewezen pedofilieactiviteiten. De zware ijzeren tralies, een brits en een pot geven geen vrolijke indruk van een verblijf in de ‘kerkers’ van Uithuizermeeden. Willem de Mérode werd van hieruit doorgevoerd naar de gevangenis aan de Hereweg in Groningen. Hij heeft ernstig onder de beschuldigingen geleden en is nooit teruggekeerd naar Uithuizermeeden.

Museumfunctie

Roorda is nog lang niet klaar met zijn raadhuis. Momenteel wordt de secretarie onder handen genomen; de oude plafonds zijn gedeeltelijk al weer zichtbaar. Ook enkele opvallende beschilderde glas-in-loodramen uit 1945 zijn weer geheel hersteld; ze bevinden zich langs de eerste trap omhoog. Deze ramen zijn een cadeau van geëvacueerde Limburgers uit de Tweede Wereldoorlog die in Uithuizermeeden werden opgevangen; vandaar de tekst in de ramen: ‘Deze ramen werden door de bannelingen van Noord-Limburg dankbaar aangeboden aan de goede mensen van deze gemeente.’ De ramen werden gemaakt door de bekende glazenier Charles Eyck.
Wel klaar is inmiddels het mechanisme van de klokkentoren, zodat bezoekers de werking ervan kunnen zien. Nu staat de wethouderskamer nog een opknapbeurt te wachten; daar moet onder andere een oud beschilderd plafond te voorschijn komen. Roorda, die nu nog zijn eigen werkkamer houdt in de burgemeesterskamer, heeft zijn bedrijf binnenkort helemaal uit het pand verhuisd. De net opgerichte Stichting ‘Het Meister Raadhuis’ moet in de toekomst de zorg van Roorda overnemen om het pand helemaal een publieksfunctie te geven, een soort cultureel ontmoetingscentrum. Mensen kunnen hier dan ook weer trouwen, zo heeft de gemeente toegezegd.
Incidenteel worden concerten gegeven in de oude raadszaal. Regelmatig komen oud-inwoners van Uithuizermeeden langs om het gemeentehuis te bezoeken, tot uit Canada en de VS aan toe.
Roorda heeft een verbond gesloten met molenaar Ida Wierenga van Poldermolen De Goliath uit 1897. Samen hebben ze een publieksfolder uitgegeven om bezoekers op deze monumenten in Uithuizermeeden te wijzen. Beide attracties worden jaarlijks door duizenden mensen bezocht.

Sluit je aan bij Noorderbreedte!
Laat u informeren en inspireren over alles wat mooi, bijzonder en in ontwikkeling is in het Noorden!
vanaf €37,50