Waar we in de vorige eeuw beken rechttrokken, graven we ze nu weer in hun oude loop uit. Bij Ter Apel is zelfs een nieuwe beek gegraven. Wim Boetze en Peter de Kan gingen er eens kijken.

Helemaal in de zuidpunt van Groningen, nog weer ten zuiden van Ter Apel, ligt ’t Schot. Een gehucht, ooit een woonplaats voor herders en kloosterlingen, in een uitgestrekt veen- en heidelandschap, nu een woonoord in rijzig loofhoutbos voor de gegoede burgerij.
’t Schot ligt ook in de ‘koppeling Runde-Ruiten Aa’, een overheidsinitiatief om de historische afwatering van het Bargerveen tot aan de Dollard weer in één doorlopende beek zichtbaar te maken. In Drenthe heet de beek Runde, in Groningen Ruiten Aa. Beide beekdelen vormden eeuwenlang één beek, waarvan de loop zich rustiek langs en door Ter Apel kronkelde. Een situatie die nog maar fragmentarisch aanwezig is en die zich niet meer laat herstellen. Reden waarom doorkoppelingen nodig waren op plaatsen waar de beek nooit eerder had gelegen en van nature ook nooit zou hebben gelegen omdat het merendeels hoge gronden zijn. Maar een verlangen naar compleetheid is geen mens vreemd. Prothe­ses en bypasses maken het onmogelijke mogelijk. Waarom zouden we dat de natuur onthouden?

Beek door de wijk

Waterschap Hunze en Aa’s moet de Runde koppelen en laten doorstromen. Aan dit schap was dan ook de schier onmoge­lijke taak het koppelstuk van de nieuwe Runde twee kanalen en een villapark te laten kruisen. Een opdracht die met veel politieke wil en steun van de plaatselijke bevolking tot een goed einde is gebracht. In een schetsatelier van de Dienst Landelijk Gebied (DLG) hebben bewoners van het woonpark aan de Generaal Maczeklaan een grote stem gehad in de tracékeuze van de beek. Samen met ambtenaren van gemeente en waterschap hebben ze onder begeleiding van landschapsarchitecten van DLG moeten passen en meten om de beek in een functioneel en mooi profiel door de wijk te trekken. Het was daarbij de kunst om goed uit te komen bij de onderleidende buizen, bedoeld als beekkruisingen, onder het Ter Apel-kanaal en het Ruiten Aa-kanaal.
Aanvankelijk reageerden veel bewoners sceptisch toen het waterschap kwam vragen of er een beek achter hun tuinen mocht liggen. Al snel drong het tot iedereen door dat een nimby-reactie (not in my backyard) niet op zijn plaats zou zijn. De wijk zou er mooier van worden. Bovendien, wie wil er nu niet aan een beek wonen?
Vorig jaar sloten overheid en bewoners hun voorspoedige samenwerking af. Op 6 december ging de schuif in de stuw omhoog en stroomde het Rundewater een gebied binnen waar het nooit eerder had gestroomd.
Na het schetsatelier zijn de schetsen door Martin van Dijken, landschapsarchitect bij DLG, uitgewerkt tot het plan zoals het is uitgevoerd. Van Dijken heeft daar waar veel ruimte was, de ruimte ook genomen. Er is zo een gevarieerd beekbeeld ontstaan: een beekplas in de wijk en het gangbare beeld met snelstromend water bij de entree en uitgang van de wijk. Het biedt tevens de afwisseling van een meer als een park ontworpen middendeel met royale gazon­oevers en een meer vanuit de ecologie ontworpen deel met vistrappen en plas­bermen bij de in- en uitgang. De twee bruggen zijn mooi lichte uitvoeringen van de nogal zwaar vormgegeven exemplaren die zuidelijker over de Runde liggen. In ’t Schot nam de Runde een omweg om dichter bij de mensen te komen: een nieuwe samenleving die vast nog veel geschiedenis gaat maken.

Continuing story

De Runde is al meer dan 25 jaar een continuing story op de politieke agenda van bestuurders. Vervening en ontginning hebben het veenriviertje in de afgelopen anderhalve eeuw ook zo gemaltraiteerd dat het grotendeels alleen nog als fossiele meanderrestanten in de grondboor valt terug te vinden. In het kolonielandschap van Zuidoost-Drenthe was het riviertje de laatste kromme lijn. Vandaar dat er de afgelopen jaren een flink programma op is gezet om de Runde weer uit de dood te doen herrijzen. De Runde als Boris Karloff, die door allerlei ontwerpers en bobo’s opnieuw geassembleerd wordt.

Fort voor het water

Na onze prettige kennismaking met de Runde-bypass in ’t Schot reden we een eindje stroomopwaarts richting Roswinkel. Daar bezochten we het ‘Fort voor het water’, een fortachtig kunstwerk uit 2005 van beeldend kunstenaar Jeroen van Westen.
Van Westen begon in de jaren negentig als een kunst- en cultuurintendant in het gezelschap van Runde-reanimators. Hij zou de oprichting van vele kunstwerken langs de Runde stimu­leren. Uiteindelijk was er alleen nog maar geld voor zijn Fort en de uitvoering van zijn artistieke tracéplan voor de Runde tussen Roswinkel en Emmer Compascuum. Dit lichtte hij toe met de volgende tekst: ‘Bij mijn oriëntatie in het gebied heb ik gemerkt dat er een verlangen leeft om de Runde als riviertje in oude glorie te herstellen. Graag wil ik mij voegen bij de groep van roependen om de Runde. Maar… in een reconstructie zie ik niets.’ Hij geeft verder in de tekst aan dat het om een nieuw te graven waterloop moet gaan als handtekening van het kunstwerk De Emmer Veenkoloniën.
In het veld spreekt Peter de wijze woorden: ‘Ik had graag een paar Rundebruggetjes in het veld gezien in plaats van een fort. Ik geloof niet dat het hier de bedoeling was ons een beekervaring te geven.’

Trefwoorden